OpenAI heeft op 30 juli de prijs van zijn GPT-5.6-modellen fors verlaagd. De snelste variant, Luna, werd 80 procent goedkoper; het middenmodel Terra 20 procent. Voor wie AI alleen als chatvenster kent lijkt dat ver van je bed, maar het is een van de duidelijkste tekenen tot nu toe dat de kostprijs van AI hard aan het dalen is — en dat raakt uiteindelijk ook wat jij ervoor betaalt.
Update 25 september 2026Op 22 september 2026 bracht OpenAI GPT-6 Sol en GPT-6 Luna uit, voor $2/$10 en $0,10/$0,50 per miljoen invoer- en uitvoertokens: de helft of minder van de GPT-5.6-tarieven (OpenAI). Een GPT-6 Terra is er nog niet. De prijzen hieronder zijn de stand van 30 juli 2026; het actuele overzicht staat inons stuk over de grote AI-modellen.
Wat OpenAI precies deed
GPT-5.6 bestaat uit drie modellen met oplopende kracht: Luna is de snelste en goedkoopste, Terra het model voor alledaags werk, en Sol de zwaarste voor de lastigste taken. De prijsverlaging trof de onderkant het hardst. Luna ging met 80 procent omlaag, Terra met 20 procent. Sol bleef staan op 5 dollar per miljoen invoer-tokens en 30 dollar per miljoen uitvoer-tokens, maar kreeg er wel een nieuwe Fast-modus bij via de programmeerkoppeling, die de oude Priority Processing vervangt.
Die prijzen gelden voor het gebruik via de API: de technische ingang waarmee ontwikkelaars en bedrijven het model in hun eigen software inbouwen. Je betaalt daar per token, een klein stukje tekst dat het model verwerkt.
Beginner-tipEen token is ongeveer een woord of een deel van een woord. AI-aanbieders rekenen per miljoen tokens af, niet per gesprek. Voor jouw losse vragen in ChatGPT merk je daar niets van — dit gaat over gebruik op grote schaal, waar die kleine bedragen snel oplopen.
Waarom nu? Een Chinees model dat gratis werd
De timing is geen toeval. Half juli bracht het Chinese Moonshot AI zijn nieuwe model Kimi K3 uit, met 2,8 biljoen parameters en een context-venster van 1 miljoen tokens. Op 27 juli gooide Moonshot de volledige gewichten van dat model gratis online, zodat iedereen met genoeg rekenkracht het zelf kan draaien.
Zo’n vrije release zet druk op de prijs die betaalde aanbieders nog kunnen vragen. Waarom zou een bedrijf voor een model betalen als er een vergelijkbaar alternatief gratis beschikbaar is? OpenAI’s verlaging, kort daarna, laat zien dat de strijd tussen de grote AI-labs verschuift. Het ging lang vooral over wie het slimste model had; nu telt ook wie het goedkoopste levert bij gelijke kwaliteit.
Voor wie dieper wil: OpenAI positioneert GPT-5.6 nu bewust op de “price-performance frontier” — de denkbeeldige lijn waarop je de meeste intelligentie per euro krijgt. AI-startup Cognition stelde volgens VentureBeat dat het model daarmee op de zogeheten pareto-curve van prijs en prestaties zit: voor dat geld haal je elders geen betere prestaties. Dat is marketingtaal, maar de onderliggende beweging is echt: de kosten per taak dalen bij vrijwel alle aanbieders tegelijk.
Wat jij ervan merkt
Op je maandelijkse ChatGPT-rekening verandert door deze aankondiging niets. De verlaging zit in de token-prijzen, niet in de abonnementen. Toch is het effect voor jou niet nul.
OpenAI meldt dat de lagere prijzen van Luna en Terra doortellen in hoe je verbruik wordt geteld in Codex en ChatGPT Work. Gebruik je die, dan kom je met hetzelfde abonnement verder dan voorheen. Belangrijker is het bredere signaal. De diensten die jij dagelijks gebruikt — je mailprogramma, je tekstverwerker, de klantenservice-chat van een webshop — draaien steeds vaker op modellen als deze op de achtergrond. Zakt de inkoopprijs van die AI, dan wordt het voor bedrijven goedkoper om AI-functies aan te bieden, en daalt op termijn de drempel om ze standaard mee te leveren.
Er zit ook een kanttekening aan. Goedkopere AI betekent niet automatisch betere AI. Een fors verlaagde prijs kan een teken zijn van scherpe concurrentie, maar ook van een markt die harder groeit dan de winst rechtvaardigt. Voor de gebruiker is dat voorlopig gunstig; voor de aanbieders is de vraag of deze prijzen houdbaar zijn nog niet beantwoord. Hoe snel het gaat, liet september zien: een week na GPT-6 Sol kwam GPT-6.1 Sol, bijna Astra-niveau voor een vijfde van de prijs.
Hoe OpenAI dat gat wil dichten, zag Nederland drie weken later concreet worden: advertenties in ChatGPT rolden hier als een van de eerste Europese markten uit, ook voor betalende gebruikers. Wie de prijzenoorlog aan de inkoopkant wint, haalt de marge dus ergens anders terug — bij de kijkende gebruiker.
Waar je op kunt letten
Sindsdien ging Sol op 21 augustus nóg een stap omlaag, naar een promotarief van $4 en $20, terwijl OpenAI’s nieuwe vlaggenschip juist bovenin werd geprijsd — wat dat kost en waar de rekening kantelt, staat in ons stuk over GPT-6 Astra. Op 22 september 2026 halveerde OpenAI de tarieven opnieuw met GPT-6 Sol ($2/$10) en GPT-6 Luna ($0,10/$0,50) (Bron: OpenAI).
De prijzenoorlog is niet voorbij met deze ene aankondiging. Nieuwe modellen en nieuwe verlagingen volgen elkaar snel op, en de Chinese labs spelen daarin een steeds grotere rol. Wil je bijhouden of dit jouw kosten raakt, let dan op twee dingen: of de AI-functies in de software die je al gebruikt goedkoper of ruimer worden, en of aanbieders gratis niveaus uitbreiden. Dat zijn de plekken waar een prijzenoorlog tussen techreuzen uiteindelijk bij de gewone gebruiker aankomt. Diezelfde prijsdruk speelt inmiddels ook bij gespecialiseerde coding-modellen: Cognition’s SWE-2 claimt tot 64 procent goedkoper te zijn dan rivalen — al is die claim lastig te verifiëren.
