In de huisartsenpraktijk werkt AI in 2026 vooral bij verslaglegging en het opzoeken van medische informatie: 60% van de huisartsen gebruikt het al. Een AI-scribe scheelt gemiddeld 43 seconden schrijfwerk per consult, maar het consult zelf wordt er niet aantoonbaar korter van.
Een huisarts heeft per consult een paar minuten. In die minuten wil je de patiënt aankijken, niet je toetsenbord. Toch verdwijnt een fors deel van de dag in het dossier. AI belooft daar iets aan te doen, en in de huisartsenpraktijk is dat in 2026 dagelijkse praktijk geworden. Wat werkt er echt, wat levert het op, en waar zegt je beroepsvereniging “pas op”?
Update 25 september 2026Gecorrigeerd: de npj-studie volgde twaalf huisartsen (niet twaalf praktijken), en wat zij met de gewonnen tijd deden, staat nu zoals de onderzoekers het beschrijven (npj Digital Medicine). Juvoly-eigenaar Tandem Health haalde op 14 september 2026 100 miljoen dollar op voor verdere Europese groei (Tandem Health).
Wat huisartsen nu al gebruiken
De duidelijkste meting komt van de huisartsen zelf. De Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) ondervroeg 1.168 huisartsen en publiceerde de uitkomst op 5 november 2025: 60% gebruikt AI in de praktijk, en nog eens 32% overweegt het (Bron: LHV). Van die gebruikers werkt 89% er wekelijks of dagelijks mee.
Waar gebruiken ze het voor? Bovenaan staan medische informatie opzoeken (66%) en spraakherkenning met consultsamenvattingen (60%), gevolgd door het samenvatten en structureren van tekst (30%). De drie meest genoemde tools zijn Juvoly, Ask Aletta en ChatGPT. Dat patroon kennen we uit de bredere zorg: in AI in de zorg: wat werkt er in 2026 echt zagen we dat ziekenhuizen óók bij de administratie beginnen, niet bij de diagnose. En als AI wél van medische beelden leert, kan dat privacyvriendelijk: zo leert AI van medische data zonder die te zien.
Beginner-tipDuizelt het van de percentages? Onthoud één ding: huisartsen beginnen massaal bij het papierwerk en het opzoeken, niet bij het stellen van diagnoses. Voor een praktijk die nu instapt is dat een geruststellende volgorde, want je hoeft niet bij het moeilijkste te beginnen.
De stille winnaar: spraakgestuurde verslaglegging
Eén toepassing verdient een eigen kop, omdat er nu harde cijfers over zijn: de AI-scribe. Dat is software die meeluistert tijdens het consult en er zelf een gestructureerd verslag van maakt. Nederlandse aanbieders als Juvoly en Autoscriber bouwden dit specifiek voor de zorg, inclusief SOEP-verslaglegging en koppelingen naar dossiersystemen zoals ChipSoft HiX en Nedap ONS.
Hoeveel het oplevert is gemeten. Onderzoekers volgden tussen december 2024 en juli 2025 twaalf huisartsen (ervaren en in opleiding) tijdens 535 consulten en publiceerden de resultaten op 2 maart 2026 in het vakblad npj Digital Medicine. Met een AI-scribe daalde de documentatietijd met gemiddeld 42,7 seconden per consult, een statistisch sterk resultaat (Bron: npj Digital Medicine). De onderzochte tool was Juvoly QuickConsult. Bescheiden per consult, maar over een volle dag spreekuur tikt het aan.
Juvoly groeide in drie jaar uit tot de grootste aanbieder van zorg-spraaktechnologie in Nederland, met meer dan 200.000 consulten per maand bij zo’n 1.500 huisartsenpraktijken en andere zorginstellingen. Op 26 januari 2026 werd bekend dat het Zweedse Tandem Health het bedrijf overneemt; team, naam en de opslag van patiëntdata op Nederlandse servers blijven volgens beide partijen ongewijzigd (Bron: Techzine). Voor een sector die scherp let op waar gegevens belanden, telt dat laatste.
Wat het je niet oplevert
Hier wordt het eerlijk. Dezelfde LHV-meting laat zien dat de tijdwinst beperkt blijft: 20% van de gebruikers merkt een duidelijke verlichting van de werklast, ruim de helft een lichte. En de studie van die 535 consulten vond iets opvallends: de totale consultduur veranderde niet significant. De gewonnen tijd ging niet naar méér patiënten, maar naar een extra klacht binnen hetzelfde consult, naar praktijktaken of naar het gevoel minder achter te lopen.
Een berichtenbox die door AI is voorbewerkt, moet je nog steeds zelf lezen en beantwoorden. De aanbevelingsscore voor de gebruikte tools is met 7,6 uit 10 positief, terwijl het vertrouwen in de output met 6,9 een puntje lager blijft. Dat is gezond. De winst zit in rust en werkplezier, niet in een kortere agenda.
GevorderdenHet grootste struikelblok zit bij de niet-gebruikers, en het is geen techniek. In het LHV-onderzoek noemt 62% een kennistekort als reden om nog niet te beginnen, 56% twijfelt over de kwaliteit en 53% vindt het te complex om in te voeren. De AI-geletterdheidsplicht uit de AI-verordening raakt precies die eerste groep.
De spelregels: regie blijft bij de huisarts
Twee beroepsorganisaties trekken hier dezelfde lijn. De LHV vat het samen als “regie behouden”: gebruik AI alleen als je weet wat een toepassing doet, waarom je hem inzet en waar de grenzen liggen. Het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) is even stellig: de huisarts blijft medisch verantwoordelijk, ook wanneer AI wordt ingezet (Bron: NHG).
Twee waarschuwingen komen overal terug. De eerste is privacy: het NHG benadrukt dat patiëntgegevens in een externe AI-tool het beroepsgeheim kunnen schenden, zeker als die data buiten de EU belandt. De tweede is hallucinatie, het verschijnsel dat een taalmodel zelfverzekerd onjuiste informatie produceert; volgens het NHG nooit helemaal uit te sluiten, dus elke output controleren. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd riep zorgaanbieders in februari 2025 al op om generatieve AI zorgvuldig in te voeren (Bron: IGJ).
Daarboven hangt de AI-verordening. AI voor diagnose of behandelbeslissingen valt in de hoog-risicocategorie, met zwaardere eisen rond documentatie en menselijk toezicht; de deadlines daarvoor schoven recent op, zoals we beschreven in de nieuwe AI Act-tijdlijn. De vuistregel is simpeler dan de wettekst: administratieve AI zoals verslaglegging kan vandaag, mits met verwerkersovereenkomst en controle. Diagnostische AI koop je in als gecertificeerd medisch hulpmiddel en bouw je niet zelf met een chatbot, zoals het Oogziekenhuis met AI-glaucoomscreening laat zien.
Waar je praktijk morgen kan beginnen
Een huisartsenpraktijk is een klein bedrijf met een uitzonderlijk streng datadossier. De route die uit de onderzoeken oprijst, kent een logische volgorde van laag naar hoog risico.
Begin bij de niet-patiëntgebonden administratie: roosters, interne protocollen, een lange mail samenvatten. Stap daarna over op spraakgestuurde verslaglegging met een zorgspecifieke tool, met verwerkersovereenkomst en altijd een controle-moment voor het verslag het dossier in gaat. Alles wat een klinisch oordeel raakt, komt pas daarna en via een gecertificeerd hulpmiddel. Documenteer onderweg wat je doet en waarom; dat is meteen je begin van een AI-geletterdheidsdossier voor de wettelijke plicht.
Beginner-tipEén ding nooit doen, hoe verleidelijk ook: een naam, geboortedatum of herleidbare casus in een gratis publieke chatbot plakken. Alles wat hierboven staat draait om tools die wél een verwerkersovereenkomst en Europese dataverwerking bieden.
AI in de zorg zit trouwens niet alleen in de spreekkamer: DeepMind’s AlphaGenome Atlas laat zien hoe diezelfde technologie onderzoekers helpt vóórdat een patiënt ooit bij de huisarts komt.
De nuchtere conclusie uit de cijfers: AI in de huisartsenpraktijk werkt in 2026 het best waar het het minst spectaculair is. Het verslag schrijft sneller mee, de berichtenbox oogt rustiger, en de huisarts houdt de tijd over om de patiënt aan te kijken. De diagnose blijft van de dokter. Diezelfde grens geldt voor de patiënt thuis: wie AI als persoonlijke gezondheidscoach inzet, laat het bij workouts en uitleg, en belt bij klachten de huisartsenpost.
