Verdieping 8 min Gevorderd

AI in de zorg: wat werkt er in 2026 echt — en wat nog niet

AI in de zorg groeit hard, maar wat werkt? De cijfers uit 52 ziekenhuizen, wat 8.000 patiënten vinden en waar een kleine praktijk vandaag kan beginnen.

Miniatuur diorama-illustratie bij artikel 'AI in de zorg: wat werkt er in 2026 echt — en wat nog niet'

Vraag tien mensen wat AI in de zorg doet en je hoort tien keer iets over diagnoses stellen. De werkelijkheid van 2026 is prozaïscher: het grootste deel van de AI in Nederlandse ziekenhuizen verwerkt facturen en tikt verslagen uit. Dit stuk zet de cijfers uit twee verse Nederlandse onderzoeken op een rij en kijkt waar de techniek nu echt tijd oplevert — ook voor de huisarts of fysiopraktijk zonder eigen IT-afdeling.

Waar AI in de zorg nu draait: administratie eerst

De AI Monitor Ziekenhuizen 2026 van adviesbureau M&I/Partners, de achtste editie waaraan 52 ziekenhuizen meededen, geeft het scherpste beeld van de Nederlandse praktijk. De technologie wordt het meest ingezet binnen zorgadministratie en facturatie (80%), gevolgd door diagnostiek (71%) en communicatie (65%) (Bron: M&I/Partners). De onderzoekers zien de focus verschuiven: van medische toepassingen naar ondersteuning van zorgprocessen en bedrijfsvoering.

Dat klinkt saai en is precies het punt. Een algoritme dat een röntgenfoto beoordeelt moet door jaren validatie en certificering; een systeem dat declaratiecodes voorstelt of een brief samenvat kan morgen draaien. Zorgpersoneel besteedt een fors deel van de werkweek aan administratie, dus daar zit de snelste winst.

Beginner-tip:Lees je dit als praktijkhouder en duizelt het van de percentages? Onthoud vooral dit: de ziekenhuizen beginnen massaal bij administratie, niet bij diagnose. Dat is voor een kleine praktijk een geruststellende volgorde — je hoeft niet bij het moeilijkste te beginnen.

De realiteitscheck: hoge verwachtingen, mager resultaat

Dezelfde monitor laat zien hoe groot het gat tussen ambitie en praktijk nog is. De inzet van AI blijft overwegend kleinschalig (53%); grootschalige inzet blijft steken op 8%. En hoewel 76% van de ziekenhuizen een AI-beleid heeft vastgesteld en bijna de helft (48%) een uitgewerkte visie en strategie, is de gerealiseerde impact van de afgelopen drie jaar in veel huizen beperkt zichtbaar (Bron: M&I/Partners).

Opvallendste cijfer: bijna de helft van de ziekenhuizen (46%) verwacht een negatieve impact op de zorgkosten. AI als kostenbespaarder is in de zorg dus allerminst een gegeven. De knelpunten zijn herkenbaar voor iedere organisatie die met AI worstelt: financiële ruimte (bij 45% niet op orde), AI-bewustzijn en kennis bij medewerkers (42%) en het vermogen om de verandering door te voeren (39%). Een kwart van de ziekenhuizen heeft op geen enkel onderdeel van AI-readiness de zaken grotendeels op orde.

Wie de bredere context wil: in AI-statistieken Nederland zetten we de adoptiecijfers over alle sectoren heen op een rij, en het patroon van afkoelende verwachtingen beschreven we eerder in Agentic AI: de hype koelt af.

Gevorderden:Het kennisknelpunt (42%) is geen zorg-exclusief probleem, maar in de zorg wél wettelijk geladen: de AI-geletterdheidsplicht uit artikel 4 van de AI-verordening geldt ook voor zorginstellingen, en de Nationale AI-Cursus heeft er een aparte zorgvariant voor. Hoe je die plicht pragmatisch invult, staat inons stappenplan AI-geletterdheid.

Spraakgestuurde verslaglegging: de stille winnaar

Eén toepassing verdient een eigen kop, omdat hij het administratie-verhaal concreet maakt: de AI-scribe, software die meeluistert tijdens het consult en er zelf een gestructureerd verslag van maakt. Nederlandse aanbieders als Juvoly en Autoscriber bouwden dit specifiek voor de zorg, inclusief koppelingen met patiëntendossiers en SOEP-verslaglegging voor huisartsen. Het Erasmus MC doet er klinisch onderzoek naar onder de noemer AI Scribe (Bron: Erasmus MC).

De aantrekkingskracht laat zich raden. De arts kijkt de patiënt aan in plaats van het scherm, en het verslag staat klaar als het gesprek stopt — ter controle, niet ter vervanging. Het is dezelfde beweging die we buiten de zorg zagen bij vergadertools: in Granola voor MKB beschreven we hoe notulen-AI een vergadering teruggeeft aan de deelnemers. De zorgvariant moet aan zwaardere eisen voldoen (beroepsgeheim, AVG, dossierplicht), en juist daarom bestaan er gespecialiseerde aanbieders voor.

Wat patiënten ervan vinden: positief, mits uitgelegd

Patiëntenfederatie Nederland vroeg het begin 2026 aan bijna 8.000 zorggebruikers. De uitkomst: 46% staat (zeer) positief tegenover AI in de zorg, 44% is neutraal of twijfelt. Slechts 13% heeft bewust ervaring met een AI-toepassing — en precies die groep is opvallend positiever: 62% tegenover 44% bij mensen zonder ervaring (Bron: Patiëntenfederatie Nederland).

De voorwaarden die patiënten stellen zijn behapbaar: vertel dat er AI wordt gebruikt, leg uit hoe de zorgverlener met de uitkomst omgaat, en maak duidelijk wie eindverantwoordelijk is. AI bij diagnosestelling wordt het meest positief beoordeeld; over chatbots voor zorgvragen zijn patiënten kritischer. “AI moet ondersteunen, niet overnemen,” vatte waarnemend directeur Linda Daniels het samen.

De spelregels: IGJ kijkt mee, de AI-verordening ook

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd riep zorgaanbieders in februari 2025 al op om generatieve AI zorgvuldig in te voeren, met expliciete aandacht voor de risico’s (Bron: IGJ). Digitale zorg is bovendien een vast thema in het IGJ-toezicht. Daarbovenop komt de AI-verordening: AI voor diagnose en behandelbeslissingen valt in de hoog-risicocategorie, met zwaardere eisen rond documentatie en menselijk toezicht. De deadlines daarvoor schoven recent op, zoals we uitlegden in de nieuwe AI Act-tijdlijn; welke toezichthouders er in Nederland precies op toezien staat in ons overzicht van tien toezichthouders.

Voor de dagelijkse praktijk is de vuistregel eenvoudiger dan de wettekst. Administratieve AI (verslaglegging, planning, declaraties) kan nu, mits met een verwerkersovereenkomst en eindcontrole door de zorgverlener. Diagnostische AI koop je als gecertificeerd medisch hulpmiddel in en bouw je niet zelf met een chatbot.

Waar een kleine praktijk morgen kan beginnen

Een huisartsenpraktijk, fysiopraktijk of tandartsenpraktijk is gewoon een klein bedrijf met een bijzonder streng datadossier. De route die uit beide onderzoeken oprijst, sluit aan op wat we eerder voor het bredere mkb beschreven in vijf AI-kansen voor het mkb: begin bij het papierwerk, en kies leveranciers die voor jouw sector gebouwd zijn.

Concreet, in volgorde van laag naar hoog risico: eerst de niet-patiëntgebonden administratie (roosters, interne mails, protocollen samenvatten), dan spraakgestuurde verslaglegging met een zorgspecifieke tool en altijd een controle-moment, en pas daarna alles wat een klinisch oordeel raakt. Bij elke stap geldt de transparantievoorwaarde van de Patiëntenfederatie: vertel patiënten wat je gebruikt en waarom. En documenteer wat je doet — dat is meteen je AI-geletterdheidsdossier voor artikel 4.

Beginner-tip:Eén ding nooit doen: patiëntgegevens in een gratis publieke chatbot plakken. Geen naam, geen geboortedatum, geen casus die herleidbaar is. Alles wat dit artikel beschrijft draait om tools die wél een verwerkersovereenkomst en Europese dataverwerking bieden.

De nuchtere conclusie uit de cijfers: AI in de zorg levert in 2026 het meest op waar het het minst spectaculair is. De ziekenhuizen die vooroplopen automatiseren hun papierwerk; de diagnose blijft van de dokter. Voor wie morgen wil beginnen is dat goed nieuws, want papierwerk heeft elke praktijk genoeg.

Veelgestelde vragen

Wat zijn voorbeelden van AI in de zorg?

De meest gebruikte toepassingen in Nederlandse ziekenhuizen zitten in de zorgadministratie en facturatie, gevolgd door diagnostiek (zoals beeldherkenning bij radiologie) en communicatie. Daarnaast groeit spraakgestuurde verslaglegging snel: AI die meeluistert tijdens het consult en automatisch een verslag voor het patiëntendossier maakt. Tools als Juvoly en Autoscriber doen dat specifiek voor de Nederlandse zorg.

Wordt AI al veel gebruikt in Nederlandse ziekenhuizen?

Ja, maar vooral kleinschalig. Uit de AI Monitor Ziekenhuizen 2026 van M&I/Partners (52 deelnemende ziekenhuizen) blijkt dat 53% AI kleinschalig inzet en maar 8% grootschalig. Driekwart heeft inmiddels wel een AI-beleid vastgesteld en bijna de helft een uitgewerkte visie en strategie. De verwachtingen liggen dus duidelijk voor op wat er in de praktijk al draait.

Wat vinden patiënten van AI in de zorg?

Overwegend positief, onder voorwaarden. Uit onderzoek van Patiëntenfederatie Nederland onder bijna 8.000 zorggebruikers (februari 2026) staat 46% er (zeer) positief tegenover en is 44% neutraal of twijfelt. Wie zelf ervaring heeft met AI in de zorg is duidelijk positiever: 62% tegenover 44% zonder ervaring. De belangrijkste voorwaarden: weten dát AI wordt gebruikt, begrijpen hoe, en een zorgverlener die eindverantwoordelijk blijft.

Mag een huisarts of fysiotherapeut zomaar ChatGPT gebruiken?

Niet zomaar. Patiëntgegevens invoeren in een publieke chatbot is een privacyrisico en botst al snel met de AVG. De IGJ riep zorgaanbieders begin 2025 op om generatieve AI zorgvuldig in te voeren, met aandacht voor de risico's. Wie AI wil gebruiken voor verslaglegging kiest daarom voor zorgspecifieke tools met een verwerkersovereenkomst en Europese dataverwerking, en houdt als zorgverlener altijd de eindcontrole over wat het dossier ingaat.

Valt AI in de zorg onder de EU AI Act?

Grotendeels wel. AI die wordt gebruikt voor diagnose of behandelbeslissingen valt in de hoog-risicocategorie van de AI-verordening, vaak in combinatie met de bestaande regels voor medische hulpmiddelen (MDR). Voor die categorie gelden zwaardere eisen rond documentatie, menselijk toezicht en transparantie. Administratieve toepassingen zoals spraakgestuurde verslaglegging vallen daar meestal buiten, maar de AVG en het medisch beroepsgeheim gelden altijd.

Bronnen

Waar deze informatie vandaan komt.